Vriendschap

Jij verstopt je,
En ik zoek,
Wanneer we proefwerk hebben,
Spieken we samen in een boek,

Je mag mijn nieuwe schoenen lenen,
Hutten bouwen in de bomen,
En toen dat grootte kind me pestte,
Ben jij voor me opgekomen,

Ik vindt je lief,
Dat we vrienden zijn maakt me blij,
Want van iedereen die ik ken,
Is er niemand zoals jij.