Wandeling

Stap voor stap,
Elke dag een paar kilometer te gaan,
Pim zou weleens willen weten,
Waar hij over een tijdje zal staan,

Niemand heeft hem een kaart gegeven,
Pim moet alles zelf ontdekken,
En zo gaat hij verder,
Komt op veel nieuwe plekken,

Links of rechts?
Soms slaat te twijfel toe,
‘Wat moet ik kiezen?’
‘Hoe weet ik of ik het goed doe?’

Een lach en een traan,
Dat is de wandeling die leven heet,
Eén ding staat vast,
Dat je iets nooit zeker weet,

Pas wanneer hij het eindpunt nadert,
En zijn schoenen zijn versleten,
Dan kan Pim terugkijken,
Op een reis om nooit te vergeten.